Blog: All-in huurprijs

Wanneer is er sprake van een all-in huurprijs? Indien de huurprijs wordt vastgesteld met inbegrip van de extra kosten. Hieronder vallen de servicekosten, zoals: kosten voor schoonmaak, tuinonderhoud, stoffering en meubilering en de huismeester.

 Ook nutsvoorzieningen als stoffering, gas, water en elektra vallen hieronder. Hiertegenover staat een huurcontract waarin de kosten zijn gesplitst in onder andere de kale huurprijs, servicekosten en nutsvoorzieningen.

Volgens de wet dient een huurder voldoende inzicht te hebben in de bedragen die hij als huurder betaalt. Dit is van belang in verband met de jaarlijkse afrekening van kosten en de mogelijkheid tot jaarlijkse huurverhoging. Bij een all-in prijs kan niet worden vastgesteld met welk bedrag de huur verhoogd mag worden. Een ander nadeel is dat niet kan worden nagegaan of de kale huurprijs overeenkomt met de maximale huurprijs die voor de woning geldt. Daarbij zijn er ook nadelen verbonden voor de verhuurder. Deze kan onder andere geen servicekosten en kosten voor nutsvoorzieningen afrekenen en mag de huurprijs niet verhogen wegens het feit dat de kale huurprijs onbekend is.

Splitsen all-in huurprijs

Het splitsen van de all-in prijs wordt in de eerste instantie onderling tussen partijen geregeld. Om de all-in huur te splitsen, moet de huurder eerst een schriftelijk verzoek indienen bij de verhuurder. Gaat de verhuurder niet akkoord met het voorstel of reageert hij niet dan kan de huurder de Huurcommissie vragen zijn voorstel tot splitsing van de all-in prijs te beoordelen op grond van art 7:258 van het Burgerlijk Wetboek. Voor het starten van deze procedure geldt geen maximale huurprijs, omdat de liberalisatiegrens gebaseerd is op de kale huur van woningen en deze bij een all-in prijs onbekend is. Bij de beoordeling van het splitsingsvoorstel bekijkt de Huurcommissie onder meer:
- Of de voorgestelde kale huurprijs minimaal 55% van de all-in prijs is;
- Of het voorgestelde voorschotbedrag voor servicekosten of nutsvoorzieningen minimaal 25% van de all-in prijs is.

De Huurcommissie vindt het voorstel van de huurder terecht als de voorgestelde huurprijs niet lager is dan 55% van de all-in prijs. Het voorgestelde voorschot op de servicekosten en eventuele nutsvoorzieningen mag niet lager zijn dan 25% van de all-in prijs. Als de Huurcommissie het voorstel niet terecht vindt, stelt zij de kale huurprijs vast op 55% van de all-in prijs, en het voorschot voor servicekosten en nutsvoorzieningen op 25% van de all-in prijs

Conclusie

Al met al kan worden gesteld dat een splitsing van de huurprijs voor beide partijen voordelig zal zijn. Immers, voor de huurder geldt: meer inzicht in de huurkosten alsmede een nauwkeurige vaststelling van de huurprijs. Waarbij de verhuurder op zijn beurt de kosten voor de servicekosten en nutsvoorzieningen op de juiste wijze kan doorberekenen en een jaarlijkse huurverhoging kan doorvoeren.